Selecteer een pagina

Bij een diner met meerdere gangen liggen er nogal wat voorwerpen op de tafel: meerdere messen, vorken, lepels, glazen en servies. Bij een bruiloft of een officiële gelegenheid is het belangrijk dat alles op de juiste plaats ligt. Wij benoemen de belangrijkste etiquette bij het dekken van een tafel.

 

Het bestek

Het bestek ligt altijd volgens een vaste indeling op de tafel: vorken links en messen rechts. De soeplepel ligt altijd aan het uiteinde aan de rechterkant. Bij de volgorde worden de verschillende gangen aangehouden, waarbij men van buiten naar binnen werkt: eerst het bestek van het voorgerecht (bijvoorbeeld soep), daarna het hoofdgerecht. Voor het nagerecht ligt het vorkje of mes in de regel boven het bord. Bij het leggen van het bestek hoort de scherpe zijde van het mes naar binnen en horen de lepel en vork open naar boven te liggen.

 

Het servies

Het bord hoort recht voor de stoel voor de gast te liggen. Dit onderdeel hoort ongeveer 2 centimeter van de tafelrand te worden gelegd. Het servies van de verschillende gangen mag gestapeld worden, waarbij het grootste bord onderop hoort. Linksboven de etensborden hoort een klein bordjes voor brood of salade. Hier ligt dan ook vaak een kleine broodmesje bij.

 

Glaswerk

Bij een uitgebreid diner horen meerdere glazen. Deze staan rechtsboven van het servies. Net als bij het bestek horen de glazen op volgorde van het drinken te staan: het eerst te gebruiken glas aan de buitenzijde. Eventueel staat er nog een glas voor water aan de linkerkant van dit rijtje.

 

Servetten

Het servet kan op meerdere plekken op de tafel liggen. De vaste plek is aan de linkerzijde naast de eerste vork. Maar het servet mag ook op het bord of in een wijnglas gelegd worden.

 

Met bovenstaande indeling is de tafel volledig volgens etiquette gedekt. Maar ook de kwaliteit van de materialen speelt natuurlijk een rol. Bekijk voor kwalitatief hoogwaardig servies voor bijvoorbeeld de horeca eens bij de webshop van Van Doorn BV.